Olivier de Berranger

Wekelijkse update

Rationele uitbundigheid

Onder economen is ‘irrationele uitbundigheid’ een alom bekende uitdrukking om op de vorming van een zeepbel te wijzen. De bedenker ervan is voormalig Fed-voorzitter Alan Greenspan, die de term voor het eerst gebruikte in december 1996, drie jaar voor de technologiezeepbel begin 2000 uit elkaar spatte. De uitdrukking is gebleven, maar wat Greenspan nog meer zei, is in de vergetelheid geraakt. Daarom frissen we uw geheugen even op:

“Het ligt voor de hand dat een aanhoudend lage inflatie wijst op minder onzekerheid over de toekomst en dat lagere risicopremies hogere koersen voor aandelen en andere activa impliceren (…) Maar de vraag is hoe we erachter kunnen komen of de koersen zonder reden door irrationele uitbundigheid worden aangewakkerd, waarop een onverwachte en langdurige correctie kan volgen, zoals het afgelopen decennium in Japan is gebeurd.”

Op sommige vlakken zijn de gelijkenissen met de huidige omstandigheden opvallend. De inflatie is sindsdien gestaag afgenomen en de meeste activaklassen lijken historisch gezien vrij duur.

De risicopremies, als extra vergoeding voor het bijkomende risico, zijn daarentegen niet weggesmolten, zoals eind jaren 1990 wel het geval was. Gemeten naar de koers-winstverhouding boden aandelen destijds een lagere risicovergoeding dan de a priori veel minder risicovolle staatsobligaties. In dat opzicht lijkt er vandaag dus geen sprake te zijn van irrationaliteit.

Het is verleidelijk om parallellen tussen beide tijdperken te zien, maar er zijn ook grote verschillen. Het profiel van de technologiebedrijven is veranderd. Terwijl de ondernemingen van vandaag bijzonder winstgevend zijn en sterk groeien, lieten de meeste eind jaren 1990 forse verliezen optekenen waren ze louter gewaardeerd op basis van verhoopte toekomstige winsten. Ook zo bekeken zijn de huidige waarderingen niet irrationeel te noemen.

De afgelopen maanden werd in de media uitvoerig bericht over de kwetsbaarheid van enkele grote technologische spelers – WeWork, Uber, Slack – en zelfs over de irrationeel volatiele beurskoers van Tesla, die februari begon op 673 dollar, opliep tot 969 dollar (+44% in minder dan 48 uur!) en daags nadien terugviel naar 734 dollar. Die voorbeelden weerspiegelen echter geen brede trend op de aandelenmarkten zoals die er eind jaren 1990 wel was. Ze wijzen op enige sporadische irrationaliteit, maar het blijven uitzonderingen.

De bijzonder lange economische cyclus van dit moment – de wereldeconomie beleeft haar elfde jaar van groei op rij – wordt in stand gehouden door de liquiditeit die de centrale banken wereldwijd verschaffen. Die overvloedige liquiditeit heeft in sommige activaklassen tot buitensporige waarderingen geleid.

Is er sprake van uitbundigheid? Hier en daar wel. Is er sprake van rationaliteit? Globaal genomen wel.